nlenfrdeplroes

Marco Martens,

Beoordeel dit item
(3 stemmen)

Toen ik onlangs met ‘ons mam’ in de Sphinx was om een bestelling af te halen, zag ik een paar jongens aan een tafel zitten met hun kroost. Ik herkende hun gezichten van de basisschool, ik denk dat ze één klas hoger zaten dan ik. Op hun namen kon ik niet komen. Het accent waarmee ze spraken, ken ik van vroeger. Ik hoor het niet vaak meer. Ik ben nu zestien jaar weg uit Maarheeze, da’s nèt een jaartje korter dan dat ik er gewoond heb. Ik kom eens in de zoveel tijd nog eens bij de familie op bezoek, maar de herkenbaarheid van het dorp vervaagt. Op de Brink wordt niet meer gevoetbald – ik herinner me hoe we keer op keer werden weggestuurd door Frank Simonis – en Netjes Winkel is al jaren verdwenen. De meisjes achter de kassa van de Jumbo zijn opgegroeid in het Maarheeze waar ik niet meer woonde.

Rotterdam is het geworden, na twaalf aangename jaren in Eindhoven. Zelf had ik nooit bedacht te verhuizen naar de randstad, maar ik ben erg blij dat mijn vrouw er een baan vond. Het heeft mijn carrière als kunstenaar een fijne impuls gegeven. Waar ik als rapper vijftien jaar lang vele podia in het land heb gezien en een aantal cd’s maakte, treed ik tegenwoordig vooral op als spoken wordartiest. Dichter en verhalenverteller ben ik geworden, maar dan op muziek. En daar heeft de levendige scene in Rotterdam zeker aan bijgedragen. Deze maand verschijnt mijn cd ‘Ieder huis is uit vertrekken gebouwd’ die ik samen met muzikanten Michiel van Iersel en Joris Sedee heb gemaakt. Op deze plaat vertel ik een verhaal dat gebaseerd is op mijn vertrek uit Maarheeze, op zoek naar nieuwe prikkels, en hoe ik deze vond in de havenstad. Het is fictie, maar ik denk dat er ook voor Maarheezenaren herkenbare situaties op staan. Beluister ‘m maar eens op marcomartens.com. Met één van de liedjes, Madam Jeanette, waren we afgelopen weekend op NPO1 in VPRO Vrije Geluiden te zien, wat aanleiding was voor Willy Kuipers-Vrijsen om me te vragen een stukje te schrijven voor deze website.

Hoe het mij vergaan is, vroeg ze. Nou, het duurde even voordat ik mijn roeping had gevonden. Ik brak studie na studie af, het interesseerde me allemaal niet zoveel. Het schrijven bleef me trekken, maar ik wist dat niet om te zetten in een toffe studie of leuke baan. Op de HEAO hield ik het drie weken vol, CMV boeide me drie keer achtereen een half jaar, maar niet voldoende om een van die jaren af te maken. Een poging Journalistiek strandde toen een docent zei dat een èchte journalist dolgelukkig is als hij uit bed wordt gebeld om groot nieuws te verslaan. Dat zag ik mezelf niet doen. Nog steeds niet, trouwens. Ik leefde in die tijd van mijn werk als kunstenaar. Mijn vaste lasten waren gelukkig niet hoog en met af en toe een tientje van ‘ons mam’ lukte het allemaal enigszins.

Als rapper gaf ik steeds meer workshops en dat beviel uitstekend. Ik werd aangetrokken door het onderwijs en haalde mijn tweedegraadsbevoegdheid als docent Nederlands. Een blauwe maandag gaf ik les op een middelbare school – maar nóóit meer. Ik solliciteerde aan de Herman Brood Academie, een MBO-artiestenopleiding, en vond daar mijn plek. Ik geef er Communicatie en ben er studieloopbaanbegeleider – om mensen grof gezegd te behoeden voor verkeerde studiekeuzes. Komt al die studiestopervaring toch nog van pas.

Naast mijn werk op de Herman Brood Academie speel ik creatieve voorstellingen op scholen en werk ik als schrijfcoach voor 4XM Workshops en Poetry Circle Nowhere. Hierdoor heb ik de luxe praktisch iedere dag te mogen luisteren naar andermans verhalen. En hoewel de invulling voor iedereen anders is, zijn bepaalde onderwerpen universeel. Het zoeken naar je plekje is een thema dat vaak terugkomt in deze verhalen. Ook in de mijne, dus. Ik ben blij dat ik mijn plekje gevonden heb. Voor nu.

Grote groet,

Marco

Gelezen: 3640 keer Laatst aangepast op maandag 05 oktober 2015 20:49

Laat een reactie achter

De redactie houdt het recht alle opmerkingen zonder mededeling te verwijderen.